Marxisme en Anarchisme


Het Marxisme en Anarchisme zijn de twee belangrijkste revolutionaire socialistische theorieën geweest sinds het midden van de vorige eeuw. Maar sindsdien hebben ze constant met elkaar in de clinch gelegen. In dit artikel onderzoekt en vergelijkt Conor McLoughlin de twee ideologieën om te kijken of ze iets gemeen hebben.

Ten eerste is het noodzakelijk de beide uitgangspunten te definiëren. Wat is Anarchisme? Wat is Marxisme? Ik heb besloten alle moderne volgelingen van beide ideologieën te negeren. Ik zal dus niet uitweiden over de verscheidene Stalinistische, Leninistische en sociaal-democratische ontwikkelingen van Marx' ideeën. Deze zijn al uitgebreid aan bod gekomen in vorige nummers van dit blad. In plaats daarvan concentreer ik me liever op de basis ideeën van Marx en Engels.

Terug naar de basis.

Voor het anarchistische standpunt zal ik de werken van Bakunin gebruiken. Hij was Marx'constante tegenstander en zijn basis argumenten zijn geaccepteerd door de meeste anarchisten. Noch Marx noch Bakunin waren ooit totaal consequent en Bakunin's geschriften zijn erg fragmentarisch. Dit lijkt me echter de eerlijkste vergelijkingsmethode.

Velen die zich anarchist noemen zullen waarschijnlijk tamelijk geërgerd zijn als ik zeg dat het opvallend is hoeveel we met het Marxisme gemeen hebben. Anarchisten en Marxisten zijn beide materialisten. Beiden geloven dat de ideeën die we aanhangen worden gevormd door de sociale en economische omstandigheden waarin we leven. We zien dat ideeën zich ontwikkelen en veranderen door actie. Gedachte leidt tot actie en actie prikkelt de gedachte.

Wie kan van het Kapitalisme afkomen?

Beide partijen accepteren Marx' theorie dat arbeid rijkdom creëert en dat in het produktie proces veel van dit wordt afgeroomd door de kapitalist als winst, slechts een fractie overlatend als lonen. Ook delen ze de opvatting dat alleen de arbeidersklasse door hun verdienste van hun aandeel in de produktie de macht hebben het kapitalisme te vernietigen.

Verder is het in hun eigen belang dit te doen. Arbeiders hebben de macht een klassenloze maatschappij te creëren en zou baat hebben bij deze. De Anarchisten en revolutionaire Marxisten accepteren beiden dat alleen d.m.v een revolutie dit kan worden gerealiseerd en dat het op internationaal niveau moet gebeuren wil het slagen.

Marx' "Kapitaal" is een grote verscheidenheid van een goed onderzochte en gerelateerde aanval op het kapitalistische systeem. Volgens zijn eigen woorden een synthese; gebruik makend van diverse ideeën van rechtse georiënteerde economen zoals Weber, Ricardo en Adam Smith met revolutionairen zoals Proudhon en de Ier William Thompson. Anarchisten accepteerden en verwelkomden deze kritiek. In feite was Bakunin begonnen met een vertaling van het boek in het Russisch (geen geringe prestatie als je ooit de omvang van dit werk gezien hebt).

Laten we vrienden worden?

Waarom schudden we elkaar dan niet de hand in plaats van oude koeien uit de sloot te halen?

Ten eerste is er altijd een belangrijk verschil geweest over de geaardheid van de staat. Bij staat bedoelen we niet het land waar we in wonen. Het kan het best omschreven worden als het "bestuur" van de heersende klasse, het mechanisme dat een minderheid veroorlooft te regeren. Uiteindelijk verdedigt het zijn macht d.m.v. zijn monopolie van staatsmacht, zijn middelen van onderdrukking om bescherming te verlenen aan de macht van de werkgevers tegen sociale oppositie van onderaf.

Anarchisten hebben de staat altijd als overbodig gezien in een klassenloze maatschappij. Maar het is onontbeerlijk voor de bazen in alle vormen van de klassenmaatschappij. Zelfs in de doorsnee kapitalistische landen steekt de staat zijn neus in het sociale en het economische leven en in sommige gevallen kan het zelfs de hele heersende klasse in een soort van collectieve exploitatie inlijven (zoals in het voormalig Stalinistische Blok).

Marx en Engels hebben zich echter altijd dubbelzinnig uitgelaten over de staat. In meerdere stadia benadrukten ze dat de staat een neutraal orgaan was dat kon worden gebruikt door arbeiders tijdens het revolutie proces. In 1848, na de Parijse Opstand, ontwierpen ze het "Communistisch Manifest". Hierin spreken ze herhaaldelijk over de Arbeiders' Staat welke alle produktie, financiën, transport en communicatie moest nationaliseren en centraliseren. Er wordt niet vermeld hoe de arbeiders de controle over hun staat zouden moeten uitvoeren.

Macht aan de Arbeiders of Dictatuur over de Arbeiders?

Evenwel in de "Burgeroorlog in Frankrijk"geschreven na de Parijse Opstand in 1871 speelde Marx met het idee om de staat te vervangen door Communale Macht en het zelfbestuur van de producenten, maar zonder te verklaren hoe dit moest worden uitgevoerd. Tegen de tijd van de publikatie van "De Kritiek van het Gotha Programma" in 1875, was hij terug bij het dubbelzinnige concept van de dictatuur van het proletariaat.

In contrast hiermee, viel Bakunin constant en krachtig het idee van een revolutionaire rol voor de staat aan. Met griezelige accuratesse voorspelde hij de tirannie van het Leninisme in "Staat en Anarchisme", geschreven in 1873.

De nieuwe sociale order (van Marx) zou niet moeten worden georganiseerd door de vrije associatie van organisaties of bonden van het volk, lokaal en regionaal van onderaf in overeenstemming met de eisen van het volk, maar de dictatoriale macht van de verlichte minderheid welke zogenaamd de wil van het volk vertegenwoordigt.

In Rusland in 1917 probeerden de Bolsjewieken Marx' basis programma uit te voeren. Ze sloten de fabriekscommitté's en sovjets en dit was het essentiële deel van de nationalisatie onder staatscontrole. Alle andere links georiënteerde partijen werden uitgeroeid. Het resultaat was de smerige vorm van Staats Kapitalisme welke overleefde tot laat in de 80er jaren. Bakunin had helaas maar al te gelijk in zijn voorspellingen.

Dubbelzinnigheden

Op een dieper niveau liggen dubbelzinnigheden in de kern van het Marxisme. In zijn vroege werken zoals "Theses over Feuerbach" of "De Heilige Familie" wordt het volk gezien als zijnde actief in het veranderen van de geschiedenis. Maar in zijn latere werken nemen geschiedenis en economie het over en de mensen worden behandeld als objecten die worden gedetermineerd door de geschiedenis en de economie. We zien sporen van deze denkwijze in "Het Kapitaal". Hierin beargumenteert hij dat met de ontwikkeling van de produktie het kapitalisme een obstakel is voor zichzelf en het zal zich ontwikkelen op een ongespecificeerde manier. Hij komt met het vage idee dat het kapitalisme zo groot en een perfect gepland zou worden dat het socialisme, puur door de mate van efficiency, de logische volgende stap zou zijn. Het kapitalisme zou uit zichzelf verdwijnen zoals hij het zei in zijn "Grundrisse" notitieboeken voor "Het Kapitaal".

Dit is erg deterministisch denken. Het verplaatst arbeiders van het podium als een bewust vormen en veranderen van de wereld. Socialisme wordt een aangelegenheid van wachten op het kapitalisme om te rijpen. Dit was de reden voor sommige Marxisten zoals de Duitse Sociale Democraten te geloven dat er geen noodzaak was voor een revolutie.

Marx, en daarna Engels, hebben dit deterministisch denken nagevolgd en beiden flirtten ze met het idee het socialisme te creëren d.m.v. sociale democratie en het stembriefje. In 1869 steunden ze de lijn van de Duitse Socialistische Democratische Partij om allianties te vormen met de rechts georiënteerde partijen.

Bakunin verachtte deze ideeën. Hij beschreef de democratische staat als: Staats Centralisatie en de feitelijke onderwerping van het soevereine volk aan de intellectuele regerende minderheid.

Socialisme door Verkiezing 166 TDs?

Al snel na de Parijse Opstand braken Marx en Engels met de Sociale Democratische Partij. Maar in 1895 keerde de ouder wordende Engels zich weer tot zijn oude ideeën en legde het accent op het gebruik van het stemhokje om aan de macht te komen en de maatschappij te veranderen, (in zijn introductie voor een nieuwe uitgave van "Het Communistisch Manifest") Marx beweerde ook op een gegeven moment dat het mogelijk was het socialisme te introduceren d.m.v. de stembus in geavanceerde kapitalistische landen zoals Engeland en Amerika.

Het blijkt dat, behalve tijdens een kleine periode omstreeks 1871, Marx en Engels nooit enige serieuze overwegingen gemaakt over een maatschappij gerund door arbeiders. Zelfs toen hebben ze zich niet in detail verdiept in de materie. Proudhon (met wie we onze verschillen zouden hebben), Bakunin en Kropotkin deden dit wel. Marx zag dit als een "op lange termijn" doel.

Bakunin's afwijzing van Marx'determinisme gaf hem ook inzicht in de rol die de kleine boeren konden spelen in een revolutionaire situatie. Marx zag de boeren als een reactionaire klasse die over het algemeen de arbeiders niet zouden steunen. Bakunin geloofde dat de boeren revolutionair konden zijn als ze werden beïnvloedt door revolutionaire ideeën. Hij kwam met een uitstekend programma voor de boeren in zijn werk "Brieven aan een Fransman in de huidige crisis"(1871).

Zijn basis idee was het land onvoorwaardelijk over te dragen aan kleine boeren, en zich te ontdoen van dienstplicht, belastingen, huren en hypotheken. Met de afschaffing van de staat en met deze het verlies van erfrecht zou het individu de enige garant van zijn of haar eigendom zijn. Met een grote hoeveelheid land dat plotseling beschikbaar was en met anarchistische propaganda die zou binnen stromen vanuit de stad en van werkeloze boeren, zou een vrijwillig collectief programma snel vanzelf gesuggereerd worden. Dit is precies wat er in Spanje gebeurd is in 1936 en in de Oekraïne in 1921. Deze ideeën zouden nog steeds van toepassing kunnen zijn in vele ontwikkelingslanden.

Vrijwillig of helemaal niet.

Hij waarschuwde ook voor de gevaren van geforceerde collectivisatie - het moest vrijwillig zijn: collectivisme zou alleen opgelegd kunnen worden aan slaven en die manier van collectivisatie zou de ontkenning zijn van het mensdom.

Dus er zijn belangrijke verschillen tussen anarchisten en Marxisten. Marx was geen libertarian en had een erg deterministische kijk op de geschiedenis en de klassenstrijd. Zijn volgelingen van Lenin tot Stalin en Mao namen en ontplooiden Marx' slechte ideeën om te komen tot hun theorieën van "de partij vóór alles", de basis voor hun dictaturen.

Maar aan de andere kant zijn Marx en Engels afgeschilderd als duivels door veel anarchisten. De meeste anarchisten accepteren het merendeel van de economische analyse die verkondigd is in "het Kapitaal". Deze ideeën zijn een synthese van de resultaten van honderden jaren van onderzoek en strijd. Maar ze zijn niet het eigendom van de Marxisten. Men kan een materialistische methode accepteren en Marx' kritiek op het kapitalisme zonder de politieke opvattingen van Marx en Engels aan te hangen. Deze ideeën zijn niet het eigendom van theoretici, of ze nu Marxist zijn of Anarchist. Ze behoren tot alle arbeiders van de wereld en het is onze taak ze te verspreiden.


Anarchistische artikels vertaald in het Nederlands